ABRvS 20 mei 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1269

Bij besluiten van 26 april 2017 heeft de minister van Buitenlandse Zaken aanvragen om afgifte van nationale paspoorten aan [appellant A] en [appellant B] niet in behandeling genomen. [appellant A] heeft bij haar geboorte op [geboortedatum] 1981 de Turkse nationaliteit verkregen. Op 5 februari 1993 heeft zij door de naturalisatie van haar moeder ook de Nederlandse nationaliteit verkregen. Op 16 juni 2003 heeft zij afstand gedaan van de Turkse nationaliteit. Op 12 juli 2004 heeft zij de Turkse nationaliteit herkregen. Haar zoon [appellant B] is op [geboortedatum] 2010 geboren. Op 12 januari 2017 heeft [appellant A], mede voor [appellant B], bij het Nederlandse consulaat-generaal te Istanbul (Turkije) aanvragen om afgifte van nationale paspoorten ingediend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken