ABRvS 6 november 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3726
Op 26 april 2018 heeft [appellante] het college van bestuur van de Erasmus Universiteit Rotterdam verzocht om informatie. Op 22 september 2017 is [persoon] aan de Universiteit van Amsterdam gepromoveerd. In het kader van haar promotieonderzoek had [persoon] een aanstelling als buitengriffier bij een aantal rechtbanken. Per medio oktober 2016 kreeg [persoon] aan de Erasmus Universiteit Rotterdam een aanstelling als docent en na haar promotie ook een aanstelling als ‘assistent-professor’. [appellante] heeft het college op grond van de Wet openbaarheid van bestuur verzocht om openbaarmaking van informatie over het onderzoek dat ten grondslag ligt aan het proefschrift van [persoon].
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde uitspraken
- ABRvS 23 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1706
- ABRvS 31 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:321
- ABRvS 31 januari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:322
- ABRvS 30 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2334
- ABRvS 26 april 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1130
- ABRvS 10 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:292
- ABRvS 19 maart 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BC7085