ABRvS 6 november 2019, ECLI:NL:RVS:2019:3723
Bij besluit van 3 augustus 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden tegen [belanghebbende A] en [belanghebbende B] wegens onder meer geluidhinder veroorzaakt door de waterval in de vijver en het zonder omgevingsvergunning bouwen van een schutting in de achtertuin van de woning aan de [locatie 1] te Eindhoven, afgewezen. [belanghebbende] woont in de hoekwoning aan de [locatie 1] te Eindhoven en heeft in zijn achtertuin onder meer een vijver met een waterval, een bijgebouw met een overkapping en een nieuwe schutting gerealiseerd. [appellante] woont naast [belanghebbende] aan de [locatie 2] en ondervindt hinder van het geluid van water dat vanuit de waterval in de vijver valt. Zij heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen onder meer de vijver en de schutting.
De uitspraak op rechtspraak.nl