ABRvS A-G Widdershoven 23 oktober 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1586

CONCLUSIE: Op woensdag 23 oktober 2013 neemt staatsraad advocaat-generaal Widdershoven voor de eerste keer een conclusie in een bestuursrechtelijk geschil. In mei van dit jaar heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in samenwerking met de andere hoogste bestuursrechters gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een conclusie te vragen. Deze mogelijkheid wordt de hoogste bestuursrechters sinds 1 januari 2013 geboden in het kader van de bevordering van de rechtsontwikkeling en de rechtseenheid. Staatsraad advocaat-generaal Widdershoven is verzocht in de conclusie in te gaan op de uiteenlopende jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak, de Centrale Raad van Beroep, het College van Beroep voor het bedrijfsleven en de Hoge Raad met betrekking tot artikel 6 van het EVRM. Hem is gevraagd welke behandelingsduren de rechtscolleges voor de verschillende fasen van de procedures en voor de procedures als geheel, nog als redelijk kunnen aanmerken in het licht van de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Het concrete geschil waarin de staatsraad advocaat-generaal is verzocht tot het nemen van de conclusie gaat over het verzoek van een Turkse familie om schadevergoeding vanwege overschrijding van de redelijke termijn in een vreemdelingenprocedure. De vraag die in deze procedure centraal staat is of de redelijke termijn van artikel 6 van het EVRM is overschreden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken