ABRvS 29 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX5956
Afwijzing verzoek inschrijving in het register van klinisch neuropsychologen. Het College Specialismen Gezondheidszorgpsycholoog heeft het Bskn vastgesteld, waarin de klinische neuropsychologie als specialisme van het basisberoep gezondheidszorgpsycholoog is aangewezen. De minister van VWS heeft bij besluit ingestemd met het Bskn en bij afzonderlijk besluit bepaald dat aan het specialisme de wettelijk beschermde titel van klinisch neuropsycholoog wordt verbonden. De RSG betoogt dat de Rb. ten onrechte heeft geoordeeld dat het Bskn een zuiver privaatrechtelijke regeling is. Daartoe voert zij aan dat de goedkeuring van de minister aan het Bskn het beperkte publiekrechtelijke rechtsgevolg creëert dat degene die voldoet aan de voorwaarden het exclusieve en wettelijk beschermde recht krijgt de titel klinisch neuropsycholoog te voeren. Daaruit kan niet anders worden afgeleid dan dat aan de voorwaarden zelf eveneens een beperkt publiekrechtelijk rechtsgevolg wordt verbonden. Voorts voert de RSG aan dat zij een zelfstandig bestuursorgaan is en een dergelijk orgaan geen bestuursrechtelijke bevoegdheid kan uitoefenen op grond van een zuiver privaatrechtelijke regeling. Uit de wetsgeschiedenis van de Wet BIG blijkt dat de wetgever uitdrukkelijk heeft beoogd dat de regelgevende organen geen publiekrechtelijke taak uitoefenen en derhalve geen bestuursorgaan zijn. Voor zover hier van belang, zijn slechts het aanmerken van de minister van VWS van een titel als wettelijk erkende specialistentitel en de beslissingen over de inschrijving in het daaraan verbonden register als besluiten als bedoeld in art. 1:3 Awb aan te merken. De regels die een regelgevend orgaan als bedoeld in art. 14 lid 2 onder d Wet BIG vaststelt, zijn derhalve geen publiekrechtelijke rechtshandelingen en derhalve geen besluiten. Dat deze regelingen ingevolge lid 4 de instemming van de minister van VWS behoeven, voordat deze kan overgaan tot het aanmerken van een aan een specialisme verbonden titel als wettelijk erkende specialistentitel, betekent niet dat die regelingen daardoor een publiekrechtelijk karakter verkrijgen. De Rb. heeft daarom terecht geoordeeld dat het Bskn een zuiver privaatrechtelijk karakter heeft. De Rb. heeft verder terecht geoordeeld dat de RSG zich ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat zij gehouden was het Bskn onverkort toe te passen, nu daarin geen hardheidsclausule was opgenomen. Het Bskn bevat als privaatrechtelijke regeling geen dwingend toetsingskader voor de beoordeling van aanvragen om te worden ingeschreven in het register van klinisch neuropsychologen, waaraan een wettelijk beschermde titel is verbonden. De regels van het Bskn zijn vastgesteld door het College Specialismen Gezondheidszorgpsycholoog, dat geen bestuursorgaan is en zijn reeds hierom noch aan te merken als algemeen verbindende voorschriften noch als instructies als bedoeld in art. 10:22 Awb. Hieruit volgt dat, gelet op de aard van het toetsingskader, ook bij het ontbreken van een hardheidsclausule in het Bskn de RSG, gelet op art. 3:4 lid 2 Awb, bij de toepassing van de aan haar toegekende bestuursbevoegdheid dient na te gaan of de nadelige gevolgen van haar besluit niet onevenredig zijn in verhouding tot de met dat besluit te dienen doelen.
De uitspraak op rechtspraak.nl