ABRvS 18 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW4268
Gelet op deze concrete informatie had de arts van het BMA, op grond van omstandigheden die hij vanuit zijn deskundigheid kan beoordelen, zich in zijn advies gemotiveerd behoren uit te laten over de vraag of, in aanmerking genomen de aard en het ontstaan van de psychische klachten, al dan niet aanleiding bestond gerede twijfel te hebben over de effectiviteit voor vreemdeling 1 van de in het algemeen verkrijgbare medische behandeling of te leveren zorg in het land van herkomst. Een algemene beschouwing, zoals opgenomen in de door de minister in zijn hogerberoepschrift genoemde BMA-nota van 27 augustus 2008, die bovendien niet specifiek op de medische situatie van vreemdeling 1 betrekking heeft, volstaat hier niet. Dit geldt eveneens voor het door de minister genoemde protocol, waarin slechts in algemene zin wordt aangegeven waarom een arts van het BMA zich niet kan uitlaten over gevoelens van onveiligheid als mogelijke grond voor twijfel aan de effectiviteit van behandeling in het land van herkomst.
De uitspraak op rechtspraak.nl