ABRvS 9 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV9252
PROCESRECHT. Vreemdelingenrecht. Het verzoek om het overleggen van een schriftelijke machtiging was niet duidelijk. Bezwaar is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. In de brieven van 4 maart 2011 staat niet dat de minister een schriftelijke machtiging verlangde. Voorts staat in het bezwaarschrift dat Jansen is gemachtigd het namens de vreemdelingen in te dienen. Gelet daarop valt de vreemdelingen niet te verwijten dat zij voormelde brieven niet hebben opgevat als verzoek om het overleggen van een schriftelijke machtiging. Gelet daarop heeft de rechtbank ten onrechte overwogen dat de minister zich op het standpunt heeft mogen stellen dat (…) niet heeft voldaan aan het bij brieven van 4 maart 2011 gedane verzoek tot completering van het bezwaarschrift. De rechtbank heeft dan ook eveneens ten onrechte overwogen dat de minister terecht het door de vreemdelingen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard.
De uitspraak op rechtspraak.nl