ABRvS 12 januari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV1581

Zoals de Afdeling ook eerder heeft overwogen (uitspraak van 31 juli 2002 in zaak nr. 200203208/1; RV 2002, 71) berust de bewaring, indien en zolang geen categoriewijziging heeft plaatsgevonden, op de in het daartoe gegeven bevel aangegeven grond. Uit de hiervoor aangehaalde uitspraak van 4 oktober 2011 en uit hetgeen hiervoor onder 2.1.3. is overwogen, volgt dat op 20 maart 2011 sprake was van een aanvraag, als bedoeld in artikel 28 van de Vw 2000, ook al is deze nog niet op de wettelijk voorgeschreven wijze ingediend zodat de vreemdeling op 20 maart 2011 ten onrechte krachtens artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw 2000 in bewaring is gesteld. De vreemdeling had krachtens artikel 59, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vw 2000 in bewaring moeten worden gesteld. Volgens paragraaf A6/5.3.3.5. van de Vc 2000, voor zover thans van belang, dient het toepassen van bewaring bij vreemdelingen die een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel in willen dienen of ingediend hebben, zo beperkt mogelijk te geschieden en dient een concrete afweging gemaakt te worden met betrekking tot het toepassen van de maatregel in relatie tot de asielaanvraag. Daarom kan deze afweging niet worden uitgesteld tot het moment waarop de aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op de wettelijk voorgeschreven wijze is ingediend. Uit het proces-verbaal van zitting bij de rechtbank volgt evenwel dat de minister bij die gelegenheid heeft verklaard dat eerst op het moment dat de vreemdeling formeel de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd indient, omzetting van de maatregel plaats zal vinden en de volgens voormelde paragraaf vereiste afweging met betrekking tot het toepassen van de maatregel in relatie tot de asielaanvraag zal worden gemaakt. Gelet hierop heeft de minister bij de oplegging van de maatregel noch in beroep aangegeven waarom hij, nadat de vreemdeling de wens een asielaanvraag in te dienen kenbaar heeft gemaakt, de met de bewaring gediende belangen zwaarder heeft laten wegen dan het belang van de vreemdeling.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen