ABRvS 15 juli 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR3844
Vreemdelingenbewaring / met vertrek naar Suriname is voldaan aan terugkeerverplichting / ondanks ongewenstverklaring is nieuw terugkeerbesluit vereist Niet in geschil is dat het besluit op bezwaar van 6 juli 2004 tevens de vaststelling van een terugkeerverplichting inhoudt. Na uitreiking van dit besluit is de vreemdeling naar Suriname vertrokken en heeft hij aldaar verbleven. Met zijn vertrek naar Suriname heeft de vreemdeling voldaan aan de bij het besluit van 6 juli 2004 vastgestelde terugkeerverplichting. Aldus is het met die vaststelling beoogde resultaat bereikt. Dat de vreemdeling later opnieuw naar Nederland is gereisd, terwijl zijn ongewenstverklaring nog steeds van kracht was, doet daaraan niet af. Alvorens de vreemdeling op 12 februari 2011 in bewaring kon worden gesteld, diende dan ook een nieuwe terugkeerprocedure te worden gestart en een terugkeerbesluit te worden genomen. Nu een zodanig besluit eerst op 18 februari 2011, derhalve zes dagen na de inbewaringstelling van de vreemdeling, is genomen kan er niet vanuit worden gegaan dat dit besluit in samenhang met de inbewaringstelling tot stand is gekomen. Gelet hierop heeft de rechtbank ten onrechte overwogen dat de minister niet gehouden was voorafgaand aan de inbewaringstelling opnieuw een terugkeerbesluit te nemen.
De uitspraak op rechtspraak.nl