ABRvS 29 maart 2007, ECLI:NL:RVS:2007:BA2713

Vergewisplicht / werkkader taalanalisten / KIN 2 Gelet op de in het Werkkader voorziene selectieprocedure, zoals nader toegelicht ter zitting, de wijze van begeleiding door wetenschappelijk opgeleide linguïsten en de kwaliteitscontroles op de taalanalyses door middel van cross checks, die als zodanig door de vreemdeling niet zijn bestreden, moet worden geoordeeld dat de deskundigheid van taalanalisten werkzaam bij het BLT – en dus ook die van taalanalist met code KIN 2 - voldoende is gewaarborgd. Derhalve bestaat geen aanleiding voor het oordeel dat de minister zich onvoldoende heeft vergewist van de deskundigheid van de taalanalist met code KIN 2. (…). Nu de gegevens omtrent de identiteit van de opsteller van de contra expertise ontbreken, kunnen zijn onafhankelijkheid en de deskundigheid niet worden vastgesteld. Dat het rapport van de contra expertise is ondertekend, van initialen is voorzien en de gemachtigde van de vreemdeling ter zitting bij de rechtbank heeft aangegeven op de hoogte te zijn van de naam en de woonplaats van deze persoon, is daarvoor onvoldoende. Daarmee is immers geen inzicht gegeven in de deskundigheid van de opsteller van de contra expertise. Voorts is gesteld noch gebleken dat de opsteller is verbonden aan een instelling, waarvan de kwaliteit voldoende en op een zelfde wijze is gewaarborgd als bij het BLT. Onder de hiervoor vermelde omstandigheden kan het door de vreemdeling overgelegde rapport niet afdoen aan de door het BLT verrichte taalanalyse en heeft de rechtbank daarin ten onrechte concrete aanknopingspunten aanwezig geacht voor twijfel aan de inhoud en volledigheid van die door het BLT verrichte analyse. De rechtbank heeft derhalve ten onrechte dit rapport aangemerkt als contra expertise die kan dienen als tegenbewijs.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen