ABRvS 29 november 2006, ECLI:NL:RVS:2006:AZ3205
Bij besluit van 28 januari 2005 heeft de Waarderingskamer de berekening van de kosten van de waardering die appellant in de jaren 1999 tot en met 2002 in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de Wet WOZ) redelijkerwijs heeft moeten maken geaccordeerd voor een bedrag van € 1.104.502,99.
De uitspraak op rechtspraak.nl