ABRvS 16 maart 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AT0513
Bij besluit van 15 april 2003, verzonden 17 april 2003, kenmerk 136801, heeft verweerder aan appellante, voorzover hier van belang, een last onder dwangsom als geregeld in artikel 5:32, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht opgelegd. De dwangsom is vastgesteld op € 250,-- per etmaal voor elke geconstateerde overschrijding van een waarde van de in voorschrift 10, eerste lid, behorende bij de vergunning krachtens de Wet verontreiniging oppervlaktewateren van 22 november 2001, vermelde parameters, zowel ter plaatse van de stora-meetput als in de deelstroom ter plaatse van de ONO-put, gemeten in een proportioneel genomen etmaalmonster. Het maximum per stof waarboven geen dwangsom meer wordt verbeurd is vastgesteld op € 50.000,--.
De uitspraak op rechtspraak.nl