ABRvS 23 februari 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AO4735
Bij besluit van 4 februari 2003, kenmerk DGWM/2002/13262, heeft verweerder aan verzoeker lasten onder dwangsom opgelegd als bedoeld in artikel 5:32, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht wegens overtreding van artikel 10.2, eerste lid, van de Wet milieubeheer in samenhang met artikel 2, derde lid, van het Besluit vrijstellingen stortverbod buiten inrichtingen en artikel 1, eerste lid, van het Besluit stortplaatsen en stortverboden. De dwangsommen zijn vastgesteld op: - € 15.000,00 per maand dat niet wordt voldaan aan de last om de afvalstoffen die zijn toegepast bij de demping van de sloot op het perceel aan de [locatie], kadastraal bekend gemeente [plaats], sectie […], nummer […], te verwijderen en af te voeren naar een daartoe vergunde verwerkingsinrichting, tot een maximum van € 150.000,00; - € 15.000,00 per keer dat herhaling van de geconstateerde overtredingen plaatsvindt, tot een maximum van € 60.000,00. Daarbij zijn voor deze lasten begunstigingstermijnen gesteld van respectievelijk drie maanden en één week vanaf de dag na de dag van verzending van dit besluit.
De uitspraak op rechtspraak.nl