ABRvS 12 november 2003, ECLI:NL:RVS:2003:AN7905
Bij besluit van 30 mei 2001 heeft het college van burgemeester en wethouders van Harderwijk (hierna: het college) appellant onder oplegging van een dwangsom gelast om de permanente bewoning van de recreatiewoning aan de [locatie] te [plaats] voor 1 februari 2002 te staken en gestaakt te houden. Bij besluit van 31 oktober 2001 heeft het college het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 12 februari 2003, verzonden op 17 februari 2003, heeft de rechtbank te Zutphen (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht. Tegen deze uitspraak heeft appellant bij brief van 24 maart 2003, bij de Raad van State ingekomen op 27 maart 2003, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 21 mei 2003. Deze brieven zijn aangehecht.
De uitspraak op rechtspraak.nl