ABRvS 12 november 2003, ECLI:NL:RVS:2003:AN7886

Bij besluit van 10 september 2001 heeft het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland (hierna: het college) de door appellante gevraagde ontheffing op grond van de Verordening Bescherming Landschap en Natuur Zuid-Holland tot het plaatsen van een ongeveer vier meter hoge afbeelding van een tulp op de noordelijke hoek van het dak van haar bedrijfspand aan de [locatie] te [plaats], kadastraal bekend gemeente Voorhout, sectie A, nummer 4559, afgewezen, en appellante onder aanzegging van toepassing van bestuursdwang gelast de afbeelding van de tulp binnen zes weken na dagtekening van het besluit van het dak van het bedrijfspand te verwijderen. Bij besluit van 21 mei 2002 heeft het college het daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard, met dien verstande dat de termijn waarbinnen appellante aan de bestuursdwangaanschrijving moet voldoen, is gesteld op zes weken na de datum van dit besluit. Bij uitspraak van 24 maart 2003, verzonden op 27 maart 2003, heeft de rechtbank te 's-Gravenhage (hierna: de rechtbank) het daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht. Tegen deze uitspraak heeft appellante bij brief van 8 mei 2003, bij de Raad van State ingekomen op 9 mei 2003, hoger beroep ingesteld. De gronden zijn aangevuld bij brief van 18 juni 2003. Deze brieven zijn aangehecht.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen