ABRvS 2 juli 2003, ECLI:NL:RVS:2003:AH8983
Bij besluit van 6 april 2000 heeft de raad van de gemeente Rotterdam (hierna: de raad) de subsidie ten behoeve van de schoolbegeleiding door appellante vastgesteld op ƒ 40.188,00/€ 18.236,52 voor het jaar 2000. Bij besluit van 14 juni 2001 heeft de raad het daartegen door appellante gemaakte bezwaar, overeenkomstig het advies van 11 januari 2001 van de Algemene Beroepscommissie, Kamer II, ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 4 maart 2002, verzonden op 7 maart 2002, heeft de rechtbank te Rotterdam (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellante ingestelde beroep ongegrond verklaard.
De uitspraak op rechtspraak.nl