ABRvS 2 juli 2003, ECLI:NL:RVS:2003:AH8966
Bij besluiten van 18 april 2002, kenmerken AMU/1739, AMU/1740, AMU/1741 en AMU/1742, heeft verweerder, in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, ontheffingen als bedoeld in artikel 4 van de Wet verontreiniging zeewater onder voorschriften verleend aan het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam, Rijkswaterstaat Directie Zuid-Holland, de gemeente Den Haag Dienstkring Stadsbeheer en Rijkswaterstaat Dienstkring Noordzeekanaal voor het lozen van baggerspecie in de Noordzee. De besluiten zijn op 24 april 2002 ter inzage gelegd.
De uitspraak op rechtspraak.nl