ABRvS 25 juni 2003, ECLI:NL:RVS:2003:AH8642

Bij besluit van 6 juni 2000 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wervershoof (hierna: het college) aan [vergunninghouder] met toepassing van artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, zoals dat luidde tot 3 april 2000, bouwvergunning verleend voor het oprichten van een bedrijfsruimte en kassen op het perceel [locatie] te [plaats]. Bij brief van 5 februari 2001 hebben [verzoekers] verzocht om handhavend op te treden tegen het bouwen in afwijking van de bouwvergunning en tegen het overtreden van de geluidsnormen, alsmede in het kader van de milieuvergunningplicht. Bij besluit van 22 februari 2001 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wervershoof (hierna: het college) medegedeeld dat de afwijkingen van de bouwvergunning zo gering zijn dat, gelet op artikel 43, eerste lid, aanhef en onder e, van de Woningwet, hiervoor geen bouwvergunning nodig is en dat zij derhalve niet bevoegd zijn om ter zake handhavend op te treden. Bij besluit van 29 mei 2001 heeft het college het daartegen door [verzoekers] gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 27 november 2002, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank te Alkmaar (hierna: de rechtbank) het daartegen door [verzoekers] ingestelde beroep gegrond verklaard, de bestreden beslissing op bezwaar vernietigd en het college opgedragen om met inachtneming van hetgeen in de uitspraak is overwogen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen