ABRvS 11 september 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE7453

Werkzaamheden van voorzitter adviescommissie voor de gemeente (verzorgen Awb-cursussen voor gemeente-ambtenaren, adviseren over Awb-kwesties) staan in casu niet in de weg aan functioneren als lid van de commissie. Afwijzing verzoek om openbaarmaking van het eindrapport "Structuur- en formatieonderzoek in de gemeente Alphen-Chaam", opgesteld in opdracht van de gemeente. Niet gebleken is dat het advies van de commissie Bezwaar en Beroep van de gemeente Alphen-Chaam dat aan de beslissing op bezwaar ten grondslag is gelegd, niet tot stand is gekomen op de wijze als voorzien in afdeling 7.2 Awb. Immers niet is gebleken dat genoemde commissie in dit geval zodanig was samengesteld dat een objectieve en onafhankelijke beoordeling van het verzoek niet mogelijk was. De rechtbank heeft ten onrechte geoordeeld dat de uitoefening van het voorzitterschap van de bezwarencommissie in strijd was met art. 3.3.c Verordening behandeling bezwaar- en beroepschriften (verder: de Verordening). Art. 3.3.c Verordening, dient, in onderlinge samenhang bezien met art. 3.2, waarin is bepaald welke functies niet verenigbaar zijn met het lidmaatschap van de commissie, aldus te worden gelezen dat indien een commissielid in een bepaalde zaak is opgetreden als adviseur van de gemeente dan wel van de wederpartij, hij in die bepaalde zaak niet mag optreden als lid van de commissie en zich derhalve met betrekking tot die zaak dient te verschonen, teneinde een onpartijdige oordeelsvorming in die zaak te waarborgen. De werkzaamheden voor de gemeente Alphen-Chaam van de voorzitter van de commissie, zoals de door hem of zijn BV verzorgde cursussen Awb voor ambtenaren van de gemeente alsmede zijn advisering betreffende een aantal specifieke Awb-vraagstukken, hebben geen relatie met de onderhavige zaak en staan dus aan zijn functioneren als lid van de commissie niet in de weg. Dat voorts slechts de voorzitter het geheim te houden rapport heeft gelezen, acht de Afdeling evenmin in strijd met de Awb of de Verordening. De rechtbank heeft mitsdien ten onrechte geoordeeld dat de beslissing op bezwaar onzorgvuldig tot stand is gekomen en om die reden moet worden vernietigd. Gegrond hoger beroep. Burgemeester en wethouders van Alphen-Chaam, appellanten. mrs. J.H.B. van der Meer, T.M.A. Claessens, A.W.M. Bijloos Deze uitspraak is met een materieel selectiemotief opgenomen in deze Nieuwsbrief onder nummer 322.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen