ABRvS 17 oktober 2000, ECLI:NL:RVS:2000:AA8308

Dierexperimentencommissie van het BPRC is geen bestuursorgaan als bedoeld in art. 1:1, eerste lid Awb. Bezwaar van Vereniging Proefdiervrij tegen uitblijven van een beslissing op bezwaar op verzoek om inzage in onderzoeksvoorstellen die in 1998 in het kader van de Wdp zijn voorgelegd aan appellante niet-ontvankelijk verklaard. Afdeling: De commissie is ingesteld door de directeur van het BPRC en derhalve geen orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, als bedoeld in art. 1:1, eerste lid, aanhef en onder a Awb. Zij kan evenmin als een bestuursorgaan in de zin van art. 1:1, eerste lid, aanhef en onder b Awb worden gezien. De advisering door de commissie is slechts één van de factoren die van invloed kunnen zijn voor de wijze van gebruik van een ingevolge de Wdp verleende vergunning. Nu die advisering derhalve niet van doorslaggevende betekenis is, kan niet met vrucht worden gezegd dat de commissie de publiekrechtelijke bevoegdheid heeft tot het bepalen van de rechtspositie van de vergunninghouder waar het betreft het gebruik van de vergunning. Hieruit volgt dat de commissie niet met openbaar gezag is bekleed en dat een door de commissie genomen beslissing op bezwaar geen besluit zou zijn geweest als bedoeld in art. 1:3, eerste lid Awb. Het achterwege blijven van zulk een beslissing levert dan evenmin een besluit op.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen