ABRvS 9 mei 2000, ECLI:NL:RVS:2000:AA6107
Bij de berekening van de in art. 2.b.5 BMB bedoelde oppervlakte (15%-overschrijding) mogen de binnenplanse vrijstellingsmogelijkheden wor-den betrokken mits aan de vereisten van de desbetreffende bepalingen wordt voldaan. Acceptatie melding en verlenen vrijstelling (18a WRO) voor uitbouw. Ingevolge art. 2.b.5 van het BMB mag de uitbouw niet tot gevolg hebben dat de oppervlakte die ingevolge het geldende bestemmingsplan voor bebouwing in aanmerking komt, met meer dan 15% wordt overschreden. I.c. staat vast dat de voor bebouwing in aanmerking komende oppervlakte met meer dan 15% wordt overschreden, indien de mogelijkheid om binnenplanse vrijstelling te verlenen bij de berekening buiten beschouwing wordt gelaten. De Pres. heeft terecht en op goede gronden overwogen dat bij de berekening van de voor bebouwing in aanmerking komende oppervlakte binnenplanse vrijstellingsmogelijkheden mogen worden betrokken, waarbij niet bepalend is of de vrijstelling al is gerealiseerd. Dit laat evenwel onverlet dat aan de vereisten van de desbetreffende vrijstellingsbepaling moet worden voldaan, wil de vrijstelling bevoegdelijk worden verleend. I.c. is dat laatste niet het geval. Motiveringsgebrek. Gegrond hoger beroep. Burgemeester en wethouders van Zoetermeer mr J.C.K.W. Bartel
De uitspraak op rechtspraak.nl