Rb. Zeeland-West-Brabant 1 juli 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:6114
Hoofdzaak en vrijwaring. Opdracht aan makelaar door man en vrouw nadat de relatie tussen hen was geëindigd. Later besluit de man in de woning te blijven. Makelaar vordert van hem betaling voor uitgevoerde werkzaamheden en beroept zich op algemene voorwaarden. De man betwist de vordering maar roept de vrouw in vrijwaring. De man wordt tot betaling veroordeeld. Zijn vordering tegen de vrouw wordt afgewezen. Makelaar vordert ook de proceskosten van een eerdere procedure tegen de man (ECLI:NL:RBZWB:2024:7079). Die vordering wordt afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl