Rb. Zeeland-West-Brabant 11 juli 2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:4496
Verzet gegrond. De rechtbank begrijpt uit de gronden in verzet dat belanghebbende ook betwist dat de uitspraken op bezwaar uiterlijk op de dagtekening is verzonden. In dat geval dient de inspecteur de (tijdige) verzending aannemelijk te maken. Nu de inspecteur niet aannemelijk heeft gemaakt dat de uitspraken op bezwaar daadwerkelijk op 19 juli 2022 en niet pas later zijn verzonden is de beroepstermijn aangevangen op de dag nadat belanghebbende bekend is geworden met de uitspraken op bezwaar.
De uitspraak op rechtspraak.nl