Rb. Zeeland-West-Brabant 28 januari 2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:1462

Beschikking betreffende een verzoek tot beeindiging van de verplichte zorg. Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat de in de lopende zorgmachtiging genoemde doelen van de verplichte zorg nog niet zijn bereikt en dat er nog steeds wordt voldaan aan de gronden voor de zorgmachtiging zoals genoemd in artikel 6:4 Wvggz jo artikel 3:3 Wvggz. Nu er nog steeds wordt voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz, is er geen aanleiding om de eerder verleende zorgmachtiging te beëindigen. De rechtbank zal hiertoe dan ook niet overgaan, hetgeen betekent dat de zorgmachtiging door blijft lopen voor de verleende duur. Het verzoek wordt afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen