Rb. Zeeland-West-Brabant 7 augustus 2024, ECLI:NL:RBZWB:2024:5527

Artt. 6:265 lid 1 BW. Huur woonruimte. Woningcoöperatie vordert ontbinding huurovereenkomst en ontruiming van woning door curator. Huurder (curandus) heeft de woning voor enkele dagen onderverhuurd aan een ‘vriendin’ terwijl hij elders voor zijn ernstig zieke vader zorgde. Kort daarop hebben toezichthouders van de gemeente geconstateerd dat de woning voor prostitutie was ingericht. De tekortkoming is in beginsel grond voor ontbinding van de huurovereenkomst maar is in dit geval van bijzondere aard, waardoor deze een ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt. Belang van deze huurder bij een stabiele woonomgeving weegt zwaarder dan het zero tolerancebeleid van de woningcoöperatie. De vorderingen worden daarom afgewezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen