Rb. Zeeland-West-Brabant 16 mei 2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:3306
Naheffingsaanslagen accijns De rechtbank is van oordeel dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd. Ten aanzien van naheffingsaanslag I staat vast dat belanghebbende een bestelbus bestuurde waarin 1.000.000 onveraccijnsde sigaretten zijn aangetroffen. Dit brengt mee dat belanghebbende de feitelijke beschikkingsmacht had over die onveraccijnsde sigaretten als bedoeld in artikel 51, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Wet WA. Ten aanzien van naheffingsaanslag II acht de rechtbank op basis van tapgesprekken aannemelijk dat belanghebbende in januari 2018 vóór zijn aanhouding door de politie 3.500.000 sigaretten voorhanden heeft gehad. De rechtbank verwerpt het beroep van belanghebbende op het evenredigheidsbeginsel.
De uitspraak op rechtspraak.nl