Rb. Zeeland-West-Brabant 27 januari 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:8639
Eiser vordert in kort geding gedaagden te veroordelen om de executie van een vonnis te staken en om beslagen op te heffen. De voorzieningenrechter oordeelt dat het betreffende vonnis niet anders kan worden uitgelegd dan dat, als eiser één van de veroordelingen in het vonnis overtreedt, hij voor die overtreding een dwangsom is verschuldigd. Dat is in lijn met de doel en strekking van de veroordelingen, namelijk het beschermen van het bedrijfsdebiet van de VOF. Er zijn meerdere ordemaatregelen/veroordelingen nodig ter bescherming van het bedrijfsdebiet, zodat voor ieder van die maatregelen/veroordelingen de dwangsom behoort te gelden. Bovendien is relevant dat de veroordelingen zien op verschillende situaties, namelijk een aantal veroordelingen voor de situatie dat de VOF nog bestaat en een veroordeling voor na het einde van de VOF. Eiser heeft dwangsommen verbeurd voor het handelen in strijd met diverse veroordelingen voor een periode van 75 dagen. De voorzieningenrechter oordeelt verder dat niet aannemelijk is geworden dat de executie van het vonnis door gedaagden misbruik van bevoegheid oplevert.
De uitspraak op rechtspraak.nl