Rb. Zeeland-West-Brabant 24 januari 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:265

Vrijspraak feit 1, valsheid in geschrifte. Dat bepaalde feiten en omstandigheden vragen oproepen, betekent echter niet dat daarmee wettig en overtuigend is bewezen dat er geen prestaties gestaan hebben tegenover de facturen. Vrijspraak feit 2, witwassen. Bekend gronddelict niet wettig en overtuigend bewezen. Voor zover in deze zaak een vermoeden van witwassen is gerechtvaardigd, heeft verdachte een concrete, min of meer verifieerbare en niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijke verklaring hebben gegeven. Het is een bewuste keuze van het Openbaar Ministerie geweest om hier geen nader onderzoek naar te doen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen