Rb. Zeeland-West-Brabant 25 maart 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:1868

OTS/UHP. De kinderrechter ziet aanleiding om de verzochte maatregelen in duur te beperken. Het huidige plan van aanpak bevat geen recente informatie. De kinderrechter zal daarom de ondertoezichtstelling en de machtiging uithuisplaatsing verlengen voor de duur van zes maanden en het verzoek voor het overige afwijzen. Dit houdt in dat de GI een nieuw verzoek moet indienen wanneer zij verlenging van de maatregelen in het belang van de kinderen achten. De GI zal dan met het verzoek een plan van aanpak moeten overleggen waarin duidelijk naar voren komt wat het perspectief besluit inhoudt. Daarnaast moet duidelijk zijn welke aanpak de GI hanteert en hoe zij deze aanpak invulling geeft. De kinderrechter ziet dat de GI de uitvoering van deze ondertoezichtstelling op zichzelf goed aanpakt, maar dat wordt verzuimd hierover duidelijk te rapporteren. De GI moet zich realiseren dat een correcte, tijdige rapportage niet slechts betekent dat aan de wettelijke normen wordt voldaan, maar dat dit ook een inhoudelijk doel dient binnen de samenwerking met de ouders.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen