Rb. Zeeland-West-Brabant 8 april 2021, ECLI:NL:RBZWB:2021:1697

Energiebelasting (EB) en opslag duurzame energie (ODE) / mineralogisch procedé als bedoeld in art. 64, lid 4, Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm) / proceskostenvergoeding Belanghebbende produceert (onder meer) keramische wand- en vloertegels. Tussen partijen is in geschil of (ook) het bij het sproeidrogen (als onderdeel van het productieproces) verbruikte aardgas is vrijgesteld van EB en ODE. De inspecteur voert aan dat de vrijstelling alleen van toepassing is voor de deelprocessen van de vervaardiging waarbij de mineralogische samenstelling en eigenschappen van het product wijzigen. De rechtbank overweegt dat art. 64, lid 4, van de Wbm geen omschrijving geeft van wat onder een mineralogisch procedé moet worden verstaan, maar een opsomming van vervaardigingen van producten die als zodanig worden aangemerkt. Voor toepassing van de vrijstelling draait het in dit geval dus enkel nog om de vraag wat onder ‘de vervaardiging van keramische producten’ moet worden verstaan. Uitgaande van deze uitleg is tussen partijen niet in geschil dat sproeidrogen onderdeel is van het vervaardigen van keramische producten en dat het gebruik van aardgas voor het sproeidrogen dan onder de vrijstelling valt. Beroep gegrond. Geen vergoeding van de daadwerkelijk gemaakte proceskosten. Wel vergoeding voor door belanghebbende op eigen naam en briefpapier ingediend beroepschrift en conclusie van repliek nu onbestreden is gesteld dat de gemachtigde beroepsmatig rechtsbijstand heeft verleend bij de voorbereiding van deze stukken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken