Rb. Zeeland-West-Brabant 8 april 2020, ECLI:NL:RBZWB:2020:7212
Vordering tot vergoeding van materiële en immateriële schade als gevolg van door treinverkeer veroorzaakte trillingen in woning eiser. Risicoaansprakelijkheid van artikel 6:174 BW voor de spoorinfrastructuur rust op grond van artikel 8:1661 lid 2 BW niet op eigenaar maar op beheerder. Trillingsnormen. Onrechtmatige hinder door trillingen van treinverkeer en begroting immateriële schade. Vaststelling schade wegens gederfd woongenot. Deskundigenonderzoek omtrent gestelde waardevermindering van woning en bouwkundige schade.
De uitspraak op rechtspraak.nl