Rb. Zeeland-West-Brabant 19 november 2019, ECLI:NL:RBZWB:2019:5050

Verdachte is ernstig tekortgeschoten in de voorzichtigheid die van hem als bestuurder van een motorrijtuig mocht worden verwacht. Niet alleen heeft hij met zijn motorscooter gereden op een plaats waar hij niet mocht rijden, te weten een fietspad, hij heeft daar ook nog gereden met een snelheid die hoger was dan toegestaan en die bovendien gelet op de situatie ter plaatse – te weten slecht zicht door de struiken – onverantwoord was. Verdachte had juist vanwege de onoverzichtelijke situatie en de (voorzienbare) aanwezigheid van zwakkere verkeersdeelnemers die daar niet bedacht hoefden te zijn op motorrijtuigen zijn snelheid dienen aan te passen. De rechtbank is om bovengenoemde redenen van oordeel dat het rijgedrag van verdachte is aan te merken als aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend, grenzend aan de bovenzijde van deze schuldgradatie.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen