Rb. Zeeland-West-Brabant 16 juli 2019, ECLI:NL:RBZWB:2019:3273
Artikelen 2.17, 3.133, 3.137, 4.16 Wet IB 2001, artikel 19b Wet LB 1964 en artikel 30i AWR Afwikkeling van lijfrente- en pensioenaanspraken in de IB-sfeer van een directeur-grootaandeelhouder, van een vennootschap die in 2014 is geliquideerd. De door de inspecteur berekende correcties op het belastbaar inkomen uit werk en woning blijven in stand evenals de beschikking revisierente. Tevens oordeelt de rechtbank over de liquidatie-uitkering, die door de inspecteur bij gebrek aan (betrouwbare) balansgegevens over 2014 is gereconstrueerd aan de hand van de gegevens uit de Vpb-aangifte over het jaar 2009. Wel wordt het voordeel uit aanmerkelijk belang teruggebracht tot 50%. Een verzoek tot het oproepen van een getuige wijst de rechtbank af.
De uitspraak op rechtspraak.nl