Rb. Zeeland-West-Brabant 8 mei 2018, ECLI:NL:RBZWB:2018:2796

Aan belanghebbende is ter zake van zijn emigratie naar de Filippijnen een conserverende aanslag opgelegd m.b.t. lijfrente- en pensioenaanspraken. Het bij conserverende aanslag in de heffing betrekken van lijfrenteaanspraken naar de waarde daarvan in het economische verkeer is niet in strijd met de goede verdragstrouw, nu in het Verdrag Nederland-Filippijnen geen (rest)bepalingen zijn opgenomen met betrekking tot de afkoop van lijfrente. Gelet op de arresten van de Hoge Raad (BNB 2009/266 en BNB 2017/186) en het bepaalde in artikel 18 van het Verdrag mag de conserverende aanslag in verband met pensioenaanspraken enkel worden opgelegd met betrekking tot de pensioenpremies die zijn ingelegd na 15 juli 2009 tot het tijdstip van emigratie en die niet tot het loon zijn gerekend. De rechtbank wijst de zaak terug naar de inspecteur om het conserverende inkomen met betrekking tot de pensioenaanspraken opnieuw vast te stellen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken