Rb. Zeeland-West-Brabant 17 juli 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:4273
Inkomstenbelasting. Vergrijpboete. Omkering bewijslast. Belanghebbende was vennoot van een v.o.f. en heeft ondanks herinnering en aanmaning geen aangifte gedaan. De tegen de ambtshalve aanslagen IB en Zvw ingediende bezwaren zijn niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van de bezwaargronden. In geschil is de ontvankelijkheid van zowel de beroepen als de bezwaren, of er dwangsommen zijn verbeurd wegens het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar en of de aanslagen naar de juiste bedragen zijn vastgesteld. De rechtbank oordeelt dat zowel de beroepen als de bezwaren voldoende zijn gemotiveerd. De bezwaren zijn daarom ten onrechte niet ontvankelijk verklaard. Doordat niet tijdig uitspraak op bezwaar is gedaan heeft de inspecteur dwangsommen verbeurd. Aangaande de hoogte van de aanslagen oordeelt de rechtbank dat omkering van de bewijslast geldt en dat uit het boekenonderzoek een inkomen volgt dat beduidend hoger is dan dat waarnaar de aanslagen zijn berekend. De rechtbank verklaart de bezwaren ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl