Rb. Zeeland-West-Brabant 17 juli 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:4272

Navorderingsaanslag inkomstenbelasting. Prematuur beroep tegen niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar. Bewijsaanbod. Belanghebbende is vennoot van een v.o.f. Na een boekenonderzoek bij de v.o.f . legt de inspecteur hem een navorderingsaanslag met een vergrijpboete op. In geschil is of dat terecht is en of tijdig uitspraak op bezwaar is gedaan. Het beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar is niet-ontvankelijk nu naar het oordeel van de rechtbank geen ingebrekestelling heeft plaatsgevonden. Aangaande de navorderingsaanslag oordeelt de rechtbank dat die is opgelegd vanwege een hoog administratief negatief kassaldo en dat de inspecteur gerede twijfel heeft doen ontstaan over het bestaan van een lening waarmee het kasverschil zou zijn verklaard. Het ter zitting gedane aanbod van belanghebbende om getuigen te horen verklaart de rechtbank tardief. De rechtbank oordeelt verder dat sprake is van kwade trouw die navordering rechtvaardigt. Conform het nadere standpunt van de inspecteur vernietigt de rechtbank de boete omdat die niet behoorlijk was aangekondigd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen