Rb. Zeeland-West-Brabant 13 juli 2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:4165
Verzoeken om schorsing van gebiedsverboden voor camping Fort Oranje resp. delen van de camping. De gebiedsverboden zijn opgelegd door de voorzitter van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant op grond van artikel 172 van de Gemeentewet in samenhang met artikel 39 van de Wet veiligheidsregio´s. De voorzieningenrechter acht de voorzitter bevoegd omdat deze op 22 juni 2017 op goede gronden heeft vastgesteld dat sprake was van ernstige vrees voor het ontstaan van een ramp of crisis van meer dan plaatselijke betekenis en heeft kunnen opschalen naar fase 4 van de Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdings Procedure (GRIP). Omdat nog niet was afgeschaald was hij (in plaats van de burgemeester) op 23 juni 2017 ook bevoegd om de gebiedsverboden op te leggen. Ten aanzien van één van de verzoekers heeft de voorzitter ten onrechte gebruik gemaakt van zijn bevoegdheid omdat uit de overgelegde processen-verbaal niet blijkt dat de aanwezigheid van deze verzoekster op de camping zou kunnen leiden tot verstoring van de openbare orde.
De uitspraak op rechtspraak.nl