Rb. Zeeland-West-Brabant 29 maart 2016, ECLI:NL:RBZWB:2016:2062
Het bestreden besluit in verband met het toepassen van zeer spoedeisende bestuursdwang bestaande uit het plaatsen van stempels in het horecapand houdt niet stand. Het college heeft niet aangetoond dat sprake was van een gebrekkige constructie en van een gevaar voor de veiligheid, als bedoeld in artikel 1a van de Woningwet. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit wegens strijd met artikel 3:2 en 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Het primaire besluit wordt herroepen. Het bestreden besluit tot het toepassen van zeer spoedeisende bestuursdwang bestaande uit de gedeeltelijke sluiting van het pand in verband met vrijgekomen asbest wordt vernietigd voor zover daarbij is bepaald dat de kosten van de bestuursdwang op haar worden verhaald. Niet kan worden ingezien dat de kosten redelijkerwijs ten laste van eiseres behoren te komen. Primair besluit II wordt in die zin herroepen. Het bestreden besluit wordt voor het overige in stand gelaten.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 1a Wonw
- Artikel 1b Wonw
- Artikel 2 Wonw
- Artikel 3:2 Awb
- Artikel 4:17 Awb
- Artikel 4:18 Awb
- Artikel 5:1 Awb
- Artikel 5:21 Awb
- Artikel 5:25 Awb
- Artikel 5:31 Awb
- Artikel 6:2 Awb
- Artikel 6:12 Awb
- Artikel 6:20 Awb
- Artikel 6:22 Awb
- Artikel 7:9 Awb
- Artikel 7:10 Awb
- Artikel 7:12 Awb
- Artikel 7:13 Awb
- Artikel 7:14 Awb
- Artikel 8:55c Awb