Rb. Zeeland-West-Brabant 27 november 2014, ECLI:NL:RBZWB:2014:8006
Belanghebbende heeft gesteld dat ze niet is gehoord. De rechtbank heeft de inspecteur in haar tussenuitspraak op grond van 8:51a Awb in de gelegenheid gesteld om belanghebbende alsnog te horen. Hierna heeft alsnog een hoorgesprek plaats gevonden. De inspecteur heeft in het hoorgesprek geen aanleiding gezien om over te gaan tot aanpassing van de uitspraak. Volgens de rechtbank is de schending van de hoorplicht met het alsnog houden van het hoorgesprek opgeheven. De naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en boete zijn terecht en tot de juiste hoogte opgelegd.
De uitspraak op rechtspraak.nl