Rb. Zeeland-West-Brabant 22 mei 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:CA1252

Samenvatting zaaknummer / rolnummer: C/02/244836 / HA ZA 12-61 Artikel 3:4, lid 1 BW: Onroerend; natrekking Artikel 7:216, lid 1 BW: wegbreekrecht Artikel 6:162 BW: onrechtmatige daad curator q.q. en pro se Op de voet van het bepaalde in art. 3:4 lid 1 BW, is hetgeen volgens verkeersopvatting onderdeel uitmaakt van een zaak, bestanddeel van die zaak. De rechtbank is op grond van de in overweging 3.3.3. vermelde feiten en omstandigheden van oordeel dat de aan het gebouw verrichte aanpassingen naar hun aard zo omvangrijk, maar, met name gezien de oorspronkelijke constructie en inrichting, zo ingrijpend zijn met als enige doel de exploitatie van een carwash center mogelijk te maken, dat gebouw en de carwash installatie specifiek op elkaar zijn afgestemd. Het betreft geen aanpassingen/wijzigingen die de staat van het gebouw verbeteren, maar uitsluitend aanpassingen/wijzigingen die de nieuwe bestemming van het gebouw, te weten een carwash center, mogelijk maken. Voorts is de rechtbank vanwege voornoemde aard en omvang van de verrichte aanpassingen van oordeel dat wanneer de carwash installatie zou worden verwijderd, de resterende onroerende zaak incompleet is en niet de functie van bedrijfshal of loods kan vervullen. Bij aanwezigheid van de carwash installatie is sprake van een in het gebouw gedreven carwash center. Maar, bij afwezigheid van die installatie is geen sprake van een als bedrijfshal of loods geschikt gebouw. Artikel 7:216, lid 1 BW regelt onder welke voorwaarde een bezitter/huurder bevoegd is een zaak weg te nemen/breken. Dit komt tot uitdrukking door het woord “mits”. Het woord “mits” betekent “op voorwaarde dat”. Artikel 7:216, lid 1 BW stelt taalkundig bezien het bestaan van de bevoegdheid zaken weg te breken afhankelijk van de vervulling van de voorwaarde dat het gehuurde door de huurder in de toestand wordt gebracht, die bij het einde van de huur redelijkerwijs in overeenstemming met de oorspronkelijke kan worden geacht. Het gaat hier om een wettelijke voorwaarde. Wordt de voorwaarde van artikel 7:216, lid 1 BW niet vervuld, dan ontbreekt de bevoegdheid zaken weg te nemen. Deze taalkundige uitleg is in overeenstemming met de toelichting op het ontwerp Houwing uit Ontwerp voor een Nieuw Burgerlijk Wetboek van prof. Mr. E.M. Meijers, Toelichting vierde gedeelte boek 7. Daarin is vermeld dat één voorwaarde voor de bevoegdheid tot ongedaan maken gerechtvaardigd is: het moet door de huurder zodanig geschieden, dat hij het gehuurde in de oorspronkelijke toestand terugbrengt; is dat niet mogelijk dan bestaat de bevoegdheid niet. De curator die bij de uitoefening van zijn taak in zijn hoedanigheid aan het maatschappelijke verkeer deelneemt, dient zich te houden aan de normen en regels die in dat maatschappelijke verkeer gelden. Als uitgangspunt geldt daarbij dat bij de beoordeling van het handelen van de curator geen normen mogen worden aangelegd die strenger of minder streng zijn dan de voor iedere andere aan het maatschappelijk verkeer deelnemende persoon. Voor persoonlijke aansprakelijkheid van de curator is vereist dat hem van zijn onrechtmatig handelen persoonlijk een verwijt is te maken. Voor de curator geldt een zorgvuldigheidsnorm. De curator behoort te handelen zoals in redelijkheid mag worden verlangd van een over voldoende inzicht en ervaring beschikkende curator die zijn taak met nauwgezetheid en inzicht verricht. Bij de invulling van deze voor een curator geldende zorgvuldigheidsnorm behoort rekening te worden gehouden met de bijzondere taak en positie van de curator in een faillissement. De positie van de curator kenmerkt zich onder meer hierdoor dat hij bij de uitoefening van zijn taak steeds rekening moet houden met verschillende vaak tegenstrijdige belangen. Het gaat om een beoordeling van de concrete omstandigheden van het geval. De rechtbank heeft in de overwegingen 3.7.5. t/m 3.7.7. geoordeeld dat de curator gezien de in overweging 3.7.2. weergegeven feiten q.q. en pro se onrechtmatig heeft gehandeld.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen