Rb. Zeeland-West-Brabant 11 april 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ6923
Als feitelijk leidinggevende opmaken van valse koopovereenkomst m.b.t. vakantieresort in Montenegro ter invulling van een vervangingsreserve-verplichting. Het doel was om deze overeenkomst, nadat de rechten en plichten waren doorgeschoven naar twee dochtervennootschappen, te doen gebruiken als herinvesteringsverplichting bij het doen van aangiften Vpb van deze twee vennootschappen. Voorts heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan het als feitelijk leidinggevende doen van een onjuiste aangifte Vpb door het opzettelijk onterecht opnemen van de willekeurige afschrijving van een kantoorpand in Beek. Vrijspraak van het opzettelijk onjuist doen van aangiftes omzetbelasting (OB) van 2 dochter-vennootschappen. In laatstgenoemde aangiftes is de inkoop van een schip als voorbelasting opgenomen. Er is sprake van de overdracht van het recht op levering van het schip. Niet is gebleken dat op de inkoopfactuur ten onrechte OB is vermeld en dat die OB niet als voorbelasting mocht worden afgetrokken. V.w.b. strafoplegging is sprake van overschrijding van de redelijke termijn in de zin van 6 EVRM en een lager ingeschat nadeel dan door het OM berekend. Op basis van de verschillende rollen van de 3 verdachten bij deze zaak, waarbij verdachte als initiatiefnemer en belanghebbende wordt beschouwd, acht de rechtbank een hogere straf dan voor de medeverdachten, t.w. 30 maanden gevangenisstraf, op zijn plaats.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Aangehaalde artikelen
- Artikel 10 Sr
- Artikel 27 Sr
- Artikel 47 Sr
- Artikel 51 Sr
- Artikel 57 Sr
- Artikel 91 Sr
- Artikel 225 Sr
- Artikel 47 AWR
- Artikel 53 AWR
- Artikel 69 AWR
- Artikel 72 AWR
- Artikel 96 AWR
- Artikel 3 Wet OB
- Artikel 5 Wet OB
- Artikel 8 Vpb
- Artikel 15 Vpb
- Artikel 3.34 Wet IB 2001
- Artikel 3.54 Wet IB 2001
- Artikel 23 Uitv reg WA 2001
- Artikel 6 EVRM