Rb. Zeeland-West-Brabant 27 februari 2013, ECLI:NL:RBZWB:2013:BZ2695

Huur bedrijfsruimte; exploitatie kinderspeelparadijs; franchiseovereenkomst; exclusief afnamebeding; ontbinding en ontruiming; intellectueel eigendomsrecht en onrechtmatige daad. Gedaagde huurt een bedrijfsruimte van eiseres en exploiteert daar een kinderspeelparadijs. Tussen partijen is een franchiseovereenkomst gesloten. Voor een dergelijke overeenkomst geldt niet als constitutief vereiste dat deze schriftelijk wordt overeengekomen, zulks kan ook mondeling. Uit de onderhavige omstandigheden vloeit voort dat partijen een franchiseovereenkomst hebben gesloten en daar ook uitvoering aan hebben gegeven. In de huurovereenkomst bedrijfsruimte is een exclusief afnamebeding overeengekomen ter zake horecaproducten die de franchisenemer moet afnemen bij een door de franchisegever aan te wijzen leverancier op straffe van een contractuele boete. Franchisegever is van leverancier gewijzigd, maar de franchisenemer blijft de horecaproducten bij de voormalige leverancier betrekken. Het exclusieve afnamebeding dient als een kernbeding te worden beschouwd en niet als een algemene voorwaarde. De grijze en zwarte lijst van (vermoedelijk) onredelijk bezwarene bedingen zijn derhalve niet van toepassing. Evenmin is sprake van reflexwerking nu gedaagde niet een met een consument vergelijkbare positie inneemt. Naleving van het exclusieve afnamebeding is niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. Nu gedaagde tekort is geschoten in de nakoming van dit beding heeft zij de contractuele boete verbeurd en wordt dit deel van de vordering toegewezen. Vast staat dat gedaagde voorts de vervallen huurpenningen en servicekosten (gedeeltelijk) te laat heeft voldaan. Op grond van de algemene voorwaarden wordt daardoor een contractuele boete verbeurd. Eiseres vordert nakoming van voornoemde betalingsverplichtingen alsmede de nakoming van het boetebeding, hetgeen in casu niet mogelijk is op grond van het bepaalde in artikel 6:92 lid 1 BW. Zij dient te kiezen tussen één van beide. Nu zij zulks heeft nagelaten komt de vordering ter zake de contractuele boete niet voor toewijzing in aanmerking. De gevorderde ontbinding en ontruiming wordt toegewezen wegens het tekortschieten van gedaagde in haar betalingsverplichtingen en in de naleving van het exclusieve afnamebeding. Eiseres heeft voorts gevorderd dat gedaagde de auteursinbreuk op de door haar gehanteerde logo's dient te staken. De verschillen tussen de logo's van beide partijen zijn echter zodanig dat de totaalindrukken dermate verschillend zijn, dat niet kan worden gesproken van een inbreuk op het auteursrecht van eiseres. Deze vordering wordt derhalve afgewezen alsmede het op diezelfde grond gevorderde verbod tot staking van de auteursinbreuk wegens onrechtmatig handelen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen