Rb. Zutphen 10 april 2012, ECLI:NL:RBZUT:2012:BW1495
De rechtbank acht bewezen dat verdachte zich als marktdeelnemer heeft schuldig gemaakt aan de verkoop en levering van 5.000 liter aceton zonder dit als verdachte transactie in het kader van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën te melden bij de FIOD-ECD. Voor wat betreft de overige transacties is niet duidelijk wat in de reguliere handel en met name bij het bedrijf van verdachte gebruikelijke hoeveelheden zijn en bij welke hoeveelheid verdachte rekening had moeten houden met de mogelijkheid van een verdachte transactie. De rechtbank acht ook het voorhanden hebben van metamfetamine bewezen. Niet bewezen acht de rechtbank voorbereidingshandelingen in het kader van de Opiumwet. Verdachte wordt hiervan vrijgesproken.
De uitspraak op rechtspraak.nl