Rb. Zutphen 14 mei 2009, ECLI:NL:RBZUT:2009:BI3783
De voorzieningenrechter veroordeelt de stichting Talpa om met de consumentenbond in onderhandeling te treden over het beoordelen van aanvragen en het vaststellen en doen van uitkeringen aan slachtoffers van de legionella-uitbraak op de West-Friese Flora in 1999. Verder is de stichting Talpa veroordeeld om aan de consumentenbond op te geven hoeveel geld er voor de slachtoffers beschikbaar is. De voorzieningenrechter heeft tot slot het vermogen van Talpa onder bewind gesteld en een bewindvoerder benoemd. Hierdoor kan de stichting geen financiële handelingen meer verrichten. De voorzieningenrechter bepaalde dat de stichting Talpa drie maanden de tijd heeft om tot een overeenkomst te komen met de consumentenbond. Als dat niet lukt, benoemt de rechter een advocaat als dwangvertegenwoordiger die namens Talpa zal onderhandelen.
De uitspraak op rechtspraak.nl