Rb. Utrecht 13 december 2012, ECLI:NL:RBUTR:2012:BY6261
Openbaarmaking van documenten die betrekking hebben op mishandeling geweigerd. Rechtbank gaat in op de vraag wanneer sprake is van strafdossier en artikel 365 van het WvSv van toepassing is. Vervolgens bespreekt de rechtbank welke beoordeling moet plaatsvinden, indien er nog geen sprake is van een strafdossier. Indien de beoordeling van een verzoek om afschriften van politiedossiers plaatsvindt op grond van de Wob, zal zoveel mogelijk aangesloten moeten worden bij doel en strekking van artikel 365 van het WvSv. In dat geval moet beoordeeld worden of de gevraagde stukken nog van belang kunnen zijn voor onderzoek door de politie naar strafbare feiten en of openbaarmaking van die stukken dat onderzoek (in de toekomst) zou kunnen schaden. Daarnaast moet onderzocht worden of de documenten in de toekomst deel kunnen gaan uitmaken van enig strafdossier. Is dat het geval, dan zal met toepassing van artikel 10, tweede lid, onder c, van de Wob, bezien in het licht van artikel 365 van het WvSv, mogen worden beslist dat openbaarmaking geheel mag worden geweigerd. Slechts indien met zekerheid kan worden gesteld dat een politiedossier geen deel meer zal uitmaken van een strafdossier of anderszins van belang kan zijn bij onderzoek door de politie naar strafbare feiten, kan het bestuursorgaan met toepassing van de Wob besluiten tot openbaarmaking van de documenten, onverminderd de overige weigeringsgronden van de Wob.
De uitspraak op rechtspraak.nl