Rb. Utrecht 30 november 2012, ECLI:NL:RBUTR:2012:BY5518
PGO-subsidie, basisactiviteiten, Wetsartikelen: Subsidieregeling PGO, Beleidskader Samenvatting: De rechtbank volgt eiseres niet in haar stelling dat verweerder een te strikte uitleg aan het Beleidskader heeft gegeven, die niet aansluit bij (de strekking van) de Subsidieregeling PGO waarop dit kader is gebaseerd. Evenmin volgt de rechtbank eiseres in haar stelling dat het Beleidskader onverbindend is, omdat het in strijd is met artikel 2, eerste lid, van de Subsidieregeling PGO. In het Beleidskader heeft verweerder uitvoering gegeven aan de in artikel 3, eerste lid, van de Subsidieregeling PGO neergelegde discretionaire bevoegdheid. Verweerder heeft in het Beleidskader ervoor gekozen, en voor mogen kiezen, om voor basisactiviteiten geen projectsubsidie toe te kennen. Verweerder heeft in de specifieke aard van de organisatie van eiseres geen aanleiding hoeven zien om een andere toets aan te leggen dan hij heeft gedaan, maar heeft terecht opgemerkt dat bepalend is of een projectplan voldoet aan de voorwaarden van het Beleidskader. Het Beleidskader voorziet in de situatie van eiseres – als specifieke PGO-organisatie als bedoeld in hoofdstuk 5 -, zodat voor toepassing van artikel 4:84 Awb geen ruimte is. In het bestreden besluit, waarin het advies van de commissie bezwaarschriften is geïncorporeerd, is niet ingegaan op de gronden die in bezwaar zijn aangevoerd ten aanzien van de afzonderlijke projecten. Daarom is sprake van een motiveringsgebrek en wordt het bestreden besluit vernietigd. In het verweerschrift heeft verweerder alsnog per project toegelicht waarom sprake is van basisactiviteiten. Naar het oordeel van de rechtbank kunnen de rechtsgevolgen van het bestreden besluit, met toepassing van artikel 8:72, derde lid, van de Awb in stand te worden gelaten. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd zijn standpunten toegelicht waarom bij ieder afzonderlijk project sprake is van basisactiviteiten waarvoor geen projectsubsidie verleend hoeft te worden. De rechtbank is van oordeel dat verweerder deze standpunten heeft mogen innemen.
De uitspraak op rechtspraak.nl