Rb. Utrecht 20 april 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ0997
Verzekeringsrecht. Tussenvonnis, voornemen benoeming deskundige. Tussen eiser en verzekeraar is via eisers tussenpersoon een cascoverzekering tot stand gekomen ter zake van de aan eiser toebehorende balenpers. Vaststaat dat de balenpers ernstig is beschadigd. Eiser stelt dat de schade het gevolg is van een van buiten komend onheil, namelijk een tand van een hooischudder. Verzekeraar voert aan dat sprake is van een eigen gebrek in de zin van de polisvoorwaarden en weigert dekking. De rechtbank heeft het voornemen een deskundige te benoemen om zich een oordeel te vormen over de schadeoorzaak. De stelling van eiser dat verzekeraar de polisvoorwaarden niet tijdig ter hand heeft gesteld, wordt verworpen omdat verzekeraar aan haar informatieverplichting heeft voldaan door de polisvoorwaarden aan de tussenpersoon ter beschikking te stellen. De uitsluitingsclausule is een kernbeding, zodat het beroep van eiser op art. 6:233, aanhef en sub b BW niet slaagt.
De uitspraak op rechtspraak.nl