Rb. Utrecht 7 februari 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BP3332
Schuld aan veroorzaken bootongeluk. De rechtbank oordeelt dat de verdachte zodra hij op de hekgolf terecht kwam, hij “als goed zeeman” een uitwijkmanoeuvre had moeten inzetten of drastisch snelheid had moeten minderen om een mogelijke aanvaring te voorkomen. Temeer omdat hij met aanzienlijke snelheid voer, niet voortdurend zicht had op zijn voorligger en hij wist dat er een probleem was aan de stuurinrichting van zijn boot. Aldus heeft verdachte naar het oordeel van de rechtbank ook in strafrechtelijke zin aanmerkelijke schuld aan het ongeval (als bedoeld in artikel 308 van het wetboek van strafrecht). De rechtbank heeft bij de strafoplegging de rechterlijke oriëntatiepunten die al bestaan voor overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet betrokken (dood c.q. zwaar letsel door schuld in het wegverkeer).
De uitspraak op rechtspraak.nl