Rb. Utrecht 30 januari 2009, ECLI:NL:RBUTR:2009:BH1418
Kort geding. Een aantal zorgverzekeraars hebben gezamenlijk een inkoopprocedure uitgeschreven met betrekking tot het zittend ziekenvervoer.De opdracht is verdeeld in 113 percelen. Er kan op één of meer van deze percelen worden ingeschreven. Als gunningscriterium geldt de laagste prijs. Eisers hebben op diverse percelen ingeschreven. De zorgverzekeraars hebben de inschrijvingen van eiseres terzijde gelegd omdat deze inschrijvingen volgens hen abnormaal laag zijn. Eisers stellen zich met een beroep op artikel 56 BAO op het standpunt dat geen sprake is van een abnormaal lage prijs maar van een scherpe marktconforme inschrijving. Vooropgesteld wordt dat het niets is gebleken dat de zorgverzekerzaars een aanbestedende dienst zijn in de zin van de richtlijn 2004/18/EG van 31 maart 2004 en het BAO. Vervolgens wordt aan de hand van de normen van redelijkheid en billijkheid beoordeeld of de zorgverzekeraars de inschrijvingen van eisers terzijde hebben mogen leggen. Geconcludeerd wordt dat dit het geval is.
De uitspraak op rechtspraak.nl