Rb. Utrecht 30 oktober 2008, ECLI:NL:RBUTR:2008:BG9202

Betreft een (gedeeltelijke) afwijzing van een na instellling van het subsidieplafond ingediend verzoek om wijzgiging van een eerder ingediende subsidieaanvraag in het kadfer van de Subsidieregeling ESF-3. De rechtbank is van oordeel dat verweerder op basis van de herziene begroting van mei 2007 een deel van de gewijzigde projectkosten van eiseres bij de bepaling van de hoogte van de subsidieverlening buiten beschouwing heeft mogen laten dan wel deze kosten op een lager bedrag heeft mogen vaststellen. Ten aanzien van maximering tot 20% van de hoogte van het subsidiebedrag voor indirecte kosten (overheadkosten) volgens de in de Handleiding Projectadministratie 2005 opgenomen staffel, oordeelt de rechtbank dat eiseres onvoldoende met concrete gegevens heeft onderbouwd waarom de maximering van indirecte kosten voor het betreffende project X in het onderhavige geval zal leiden tot een te laag subsidiebedrag voor deze kosten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen